Special

In gesprek met het Trimbos Instituut over gameverslaving

Gamen is voor veel mensen een leuk tijdverdrijf. Kinderen, tieners, jongvolwassenen; er is voor elk volop aanbod qua games. We kennen echter ook allemaal wel de verhalen van mensen die niet meer buiten komen en alleen nog maar uren achter hun pc, Xbox of PlayStation hangen. Het lijkt dan al snel op een soort verslaving. Een vrees voor menig ouder met (jonge) kinderen.

Wat Speelt Mijn Kind ging onlangs op onderzoek uit om meer te weten te komen over het fenomeen ‘gameverslaving’. Hiervoor spraken we met dr. Tony van Rooij, projectleider Gamen, Gokken en Mediawijsheid bij het Trimbos Instituut. Deze organisatie houdt zich in het kort bezig met het bevorderen van geestelijke gezondheid door het delen van kennis. Speerpunten hierbij zijn roken, alcohol, drugs en andere psychische problemen. Ze onderscheiden zich ten opzichte van andere organisaties doordat er vanuit een wetenschappelijke basis wordt gewerkt. Ook voeren ze zelf academisch onderzoek uit. Met andere woorden: het Trimbos Instituut geeft wetenschappelijk onderbouwde voorlichting over thema’s die van grote invloed kunnen zijn op de kwaliteit van iemands leven.


Tony van Rooij promoveerde in 2011 met een onderzoek getiteld “Online videogame verslaving: verkenning van een nieuw fenomeen.” Een thema dat nog altijd aan de orde van de dag is. De focus van Tony ligt naast games ook op het gebruik van sociale media en smartphones. Kortom, dé kenner bij uitstek om ons bij te praten over gameverslaving.

Gameverslaving? Problematisch gamegedrag
De eerste vraag die we Tony voorleggen, is hoe groot gameverslaving eigenlijk is. Hij nuanceert het begrip:

"Volgens onderzoek vindt 1 op de 20 het moeilijk om te stoppen met gamen en ervaren ze wat problemen met het gamen", zo vertelt Tony. "Dit benoem ik als problematisch gamegedrag. Bij een klein deel van deze groep er mogelijk sprake van een vorm van verslaving, in de zin dat ze niet meer functioneren. Dit is een complexe groep waar met het gamegedrag soms sprake is van een kip-of-ei-situatie."

Zo geeft hij het voorbeeld van iemand die extreem veel aan het gamen is. Je zou denken dat het vele gamen het probleem is, maar dan blijkt de persoon in kwestie last te hebben van een depressie en daarvoor zijn huis niet uitkomt. Met veel gamen als gevolg. Er kan dus zeker meer schuil gaan achter het gamegedrag van iemand.

“Ik heb er moeite mee als mensen meteen over een ‘verslaving’ praten of het als een soort stoornis benoemen. Het is een label wat er snel op wordt geplakt, veelal door de media. Mogelijk is een ‘gamestoornis’ nuttig binnen de psychiatrie, voor een klein groepje bevoegde professionals, maar binnen de opvoeding en op scholen is het niet altijd een nuttige term: het lijkt meer belangrijk dat ouders en andere opvoeders zich heel goed verdiepen in het gamegedrag."

Is het problematische gamegedrag iets van de afgelopen jaren?
“Er zijn altijd al mensen geweest die verslavingsgevoelig zijn,” aldus Tony . “Vaker zijn het mannen dan vrouwen, mannen zijn van nature ook impulsiever. Belangrijke factor hierbij is dat iemand toegang tot iets moet hebben waar je in zekere zin verslaafd aan kunt raken. Op het gebied van problematisch gamegedrag speelt de opkomst van online games zeker een rol. Deze games zijn vaak competitief van aard en vergen veel tijd, zoals bij World of Warcraft en League of Legends.”

Dat competitief gamen een probleem kan worden, schetst Tony aan de hand van een voorbeeld. Hij vertelt het verhaal van een jonge gamer die heel fanatiek League of Legends speelt. De jongen is goed in het spel. Zo goed zelfs, dat hij bijna het punt bereikt dat hij professioneel League of Legends speler kan worden. Hij wil “pro” worden, koste wat het kost. De keerzijde is dat deze jongen het contact met de wereld om hem heen steeds meer verliest. Ook slaapt hij nog maar 6 uur. Per dag? Nee, per week!

Waar ligt de grens tussen gewoon veel gamen en problematisch gamen?
Bovenstaand voorbeeld is duidelijk een problematische situatie. Veel ouders zullen het liever niet zo ver laten komen. We stelden Tony dan ook de vraag waar de grens ligt tussen gewoon veel gamen en wanneer er sprake is van problematisch gamen. Tony : “Er is sprake van problematisch gamen als de balans in iemands leven verstoord is. Als je niet meer normaal functioneert en bijvoorbeeld school of werk eronder lijden. Vaak heeft dit ook fysieke en mentale gevolgen. Zo is het wetenschappelijk aangetoond dat het goed is voor de ontwikkeling van je ogen om buiten te zijn. Ook hebben je spieren profijt van voldoende bewegen. Iemand die te veel stil zit en nauwelijks buiten komt, kan daar zeker gevolgen van ondervinden.”

Volgens Tony is het ook niet zo eenvoudig om een bepaald aantal uren te koppelen aan problematisch gamedrag. Het is geen harde maatstaf om te zeggen dat je vanaf een bepaalde duur een probleem hebt. De grenzen zijn zachter, zo vertelt hij. Zijn advies aan ouders is dan ook om naar de totale balans van een kind te kijken: “Kijk bijvoorbeeld naar een hele week en niet alleen per dag. Ik kan me ook goed voorstellen dat als je favoriete spel uitkomt, bijvoorbeeld als straks ooit Grand Theft Auto 6 verschijnt, dat je dan een maand lang full focus met die game bezig bent. Dan speel je allicht meer dan gebruikelijk. Er hoeft dan niet meteen sprake te zijn van problematisch gedrag. Pas als je merkt dat een kind nergens anders mee zin in heeft, is het een signaal dat er meer aan de hand is.”

Als aanvulling hierop vertelt Tony dat ook de verschillende leeftijdsfasen van jongeren een rol spelen. Voor jongeren en kinderen is een brede ontwikkeling belangrijk, terwijl adolescenten (de oudere pubers en jong-volwassenen) de natuurlijke neiging hebben om wat meer eens te proberen. Afhankelijk van de leeftijd – en wederom de gelegenheid/toegang hebben – kan gamen op een manier een te grote rol gaan spelen.

Zijn er nog trends en bepaalde genres om als ouder in de gaten te houden?
Hoewel Facebook-games en andere mobiele games heel veel worden gespeeld, worden ze volgens Tony in vragenlijsten minder sterk gelinkt aan een verslaving. De genres die toch meer in beeld komen zijn zoals gezegd de online games zoals een World of Warcraft, Counter-Strike en League of Legends. Tony laat weten dat een oorzaak hiervoor ligt onder andere in het feit dat deze spellen een belangrijke basisbehoefte van mensen vervullen: sociaal contact. Door via een headset of een chatbox met andere spelers te kletsen, vindt er sociale interactie plaats tussen gamers. Dat dergelijke spellen deze basisbehoefte vervullen, maakt het dat ze voor sommige spelers moeilijker zijn om mee te stoppen. Dit in tegenstelling tot offline games, waarbij je geen contact hebt met anderen. Van nature uit zal je sneller met een offline game stoppen, om toch in de behoefte van sociaal contact te voorzien.

Heb je nog tips voor ouders wat ze wel of vooral niet moeten doen?
Tony : “Spreek niet te snel een verslaving en ga ook zeker niet zomaar regels opleggen aan je kind. Het belangrijkste is dat je begrijpt waar je kind mee bezig is. Verdiep je in het spel, doe een keer mee tijdens het spelen. Pas als je weet wat je kind speelt kan je duidelijk en gericht afspraken maken en dat ook goed uitleggen aan je kind. Bijvoorbeeld dat je op één dag in de week een raid mag spelen, die meerdere uren kan duren en waardoor je bijvoorbeeld een keer niet aan tafel mee-eet.”

Meer informatie?
Natuurlijk houden we je hier op Wat Speelt Mijn Kind op de hoogte van actuele games en andere ontwikkelingen op het gebied van gamen. Wil je meer achtergrondinformatie, bijvoorbeeld over de onderzoeken van het Trimbos Instituut of het gamegedrag van kinderen? Bezoek dan ook eens https://www.gameninfo.nl/publiek en https://www.trimbos.nl/.

En heb je de recente ontwikkeling rondom loot boxes gevolgd? Lees dan ook eens het blogbericht van Tony “Loot box of lot box: de vervagende grenzen tussen gamen en gokken.” Ook het blogbericht over de WHO en gameverslaving is het lezen waard: “Diagnose gameverslaving: een stap vooruit?

Geschreven door Michiel Brunsveld op 29 maart 2018

Lees ook